vrijdag 28 augustus 2009

Cito toets oefenen onderdeel Taal

Als oefening voor het Cito onderdeel Taal geven we hier twee oefen opgaven. (zoals te vinden op de site van Cito zelf)

kijk hier voor cito toets oefenen rekenen - wiskunde

Hieronder volgt eerst een stuk tekst en daarna de opgaven.

Iemand van 75 jaar heeft in zijn leven 25 jaar
geslapen. Ga maar na: een mens slaapt gemiddeld
acht uur per dag, een dag heeft 24 uren. Dus een
mens verslaapt een derde van zijn leven. Ben je nu
tien jaar, dan heb je al meer dan drie jaar liggen
slapen. Als je bedenkt wat je in die tijd allemaal
had kunnen doen, dan kun je wel eens spijt krijgen
van al dat geslaap. Waarom slapen we dan toch?
Blijf gewoon wakker en je kunt honderden films
zien, duizenden boeken lezen en eindeloos
internetten. Al zou je dat willen, het lukt je gewoon
niet. Je kunt één nacht wakker blijven, en wie weet,
heel misschien wel twee. Maar er komt een
moment dat je onherroepelijk in slaap valt. Dat
komt doordat je zonder slaap niet kunt overleven.
Je lichaam heeft op vaste tijden slaap nodig. Om
nieuwe energie op te doen en om alle indrukken
van de dag te verwerken.
Het zijn ook niet je vader en moeder die bepalen
wanneer je gaat slapen. Het moment waarop je
moet slapen, wordt geregeld door een klok in je
hersenen. Die klok heet de biologische klok en die
regelt het ritme van je leven. Hij verdeelt je leven
in perioden van ongeveer een dag en zorgt ervoor
dat je steeds rond dezelfde tijd zin hebt om zeven
of acht uur te gaan slapen. Er zit nog een klok in je
hoofd. Die regelt je lichaamstemperatuur. Als je
slaapt, is je lichaam iets kouder dan wanneer je
wakker bent. De warmteklok zorgt er dan ook voor
dat vlak voordat je wakker wordt je temperatuur
weer wat omhoog gaat.


Cito toets oefen opgave 1:
Lees: Al … verwerken.
Met welke bedoeling heeft de schrijver dit stukje vooral
geschreven?
Dit stukje is vooral bedoeld om ...
A je de goede raad te geven om op vaste tijden te
gaan slapen.
B je te informeren hoe lang je wakker kunt blijven.
C je te waarschuwen dat je na enige tijd
onherroepelijk in slaap valt.
D je uit te leggen waarom je niet zonder slaap kunt.

Cito toets oefen opgave 2:

Opgave 2
Lees: Het … gaat. (r. 19 t/m 31)
Welke tussentitel past het best bij dit stukje?
A Dag en nacht
B Je moet op tijd naar bed
C Klokken in je hoofd
D Te veel slaap is niet goed

Antwoorden.
Oefen opgave 1: D
Oefen opgave 2: C

0 reacties:

Een reactie plaatsen